Verknopen en openen

Knopen leggen en werelden openen.

Januari 2021

Wanneer ik uit mijn omgeving de vraag krijg wat ik doe volstaat een antwoord van een woord of twee meestal niet. Zowel voor mij als de verstaander. Dat krijg je denk ik wanneer je meerdere dingen doet, verschillende rollen vervult en op projectbasis actief bent. Vaak ontstaan er zo mooie gesprekken. Wat ik doe en wie ik ben hangen nauw met elkaar samen. De weergaloze Hannah Arendt schreef: het enige antwoord op de vraag naar wie ik ben, is ‘sta me toe je een verhaal te vertellen’. Dat verhaal – wat overigens elke keer weer anders zal zijn en zich dus het beste in persoon laat vertellen – vertel ik niet hier en nu. Wát ik doe en wáárom wil ik hier wel omschrijven omdat ik geloof dat het belangrijk is, spannend is, en naast heel leuk ook ontzettend waardevol. Die waarde krijgt het vooral wanneer wat ik doe deelbaar en ervaarbaar wordt. Kort samengevat gaat het mij om knopen leggen en werelden openen. Eigenlijk is het mij daar altijd om te doen geweest.

Ontwerper, kunstenaar, wetenschappelijk onderzoeker, uit de combinatie van die vakgebieden en ervaringen komt mijn interesse en gedrevenheid om het leven, elkaar en de wereld beter te begrijpen voort. De laatste vier jaar heeft zich dat gemanifesteerd in Ontwerpend Onderzoek rondom circulaire economie, ecologie, de rol van de ontwerper, het publieke domein en actuele maatschappelijke transitie vraagstukken die daarmee samenhangen. De eerste jaren werkte ik met een geweldig team in het ontwerpend onderzoeksproject RE-source waarin ik onder andere de wetenschappelijke reflectie en duiding voor mijn rekening nam. Interviews, discussies, literatuuronderzoek, video en visuele etnografie, sparren met ontwerpers, samen tekenen en bespreken, het samen ontwikkelen van een online platform en later schrijven, duiden en het delen met anderen. De werkzaamheden waren gevarieerd, niet vooraf strak omlijnd en keuzes werden scherp afgewogen in het moment op basis van een stevige wetenschappelijke en artistieke kennis en ervaring. In een proces van learning-by-doing ontwikkelden we niet alleen kennis over ons onderwerp van onderzoek, maar ontwikkelden we ook gaandeweg een werkwijze en onderzoekspraktijk. In de nabije toekomst verschijnen daar overigens nog een tweetal mooie artikelen over. De onderzoekspraktijk die we toen ontwikkelden probeer ik nu verder uit te bouwen. Belangrijk daarin is het ontwikkelen en ensceneren van situaties waarin we samen leren door te doen. Situaties waarin kennis gedeeld kan worden, we deelgenoot kunnen worden van elkaars wereld en vakgebied en we elkaar inspireren.

Als hybride tussen artistiek, ontwerpend en wetenschappelijk onderzoeker merkte ik aan den lijve hoe waanzinnig mooi en bijzonder de kennis en kunde van verschillende vakgebieden elkaar kunnen aanvullen en voeden. Het inzichtelijk maken van de ontwerppraktijk en het met de ontwerpers verkennen van de werk en belevingswerelden van andere vakmannen en vrouwen die we in RE-source tegenkwamen was bijzonder werk. Bijzonder omdat het de rijke wereld van de ander opende, omdat we in posities kwamen waar we onderdeel van elkaars wereld konden worden en elkaar met andere ogen naar de wereld om ons heen lieten kijken. De stadshovenier ervaart de buitenruimte weer anders dan de planoloog, de baggeraar, de bomenkweker of de stadsherder. Welke rol je inneemt, welke skills je bezit en in welk vakgebied je actief bent speelt een rol in hoe je de wereld ervaart. Door met elkaar samen te werken, door elkaar serieus te nemen en vanuit interesse naar elkaar en elkaars expertise te kijken ontstonden er nieuwe inzichten en relaties. Om de transitie naar een circulaire economie vorm te geven en te begrijpen, om de omwenteling in ons denken die daar voor nodig is te doorgronden, hebben we elkaar hard nodig. Naast de formele rol van het verzorgen van wetenschappelijke reflectie en duiding was mijn rol en die van het team ook vooral het leggen van knopen. Het verbinden van werelden en het faciliteren van situaties waarin het mogelijk wordt om in elkaars wereld te stappen. Situaties waarin we niet lineair in onze eigen belevingswereld doorrazen, maar zoals een knoop verstrengelen met andere lijnen. Verdichten en samenkomen. Om die situaties deels her te beleven en de rol van de ontwerper daarin te doorgronden kun je verdwalen op het online platform van RE-source of ons boek Ontwerpend Onderzoek naar de Circulaire Stad lezen.

Het laatste jaar vervul ik die rol van aanstichter, duider, knopenlegger en ontwerper samen met Ester van de Wiel in een nieuw project, RE-/place. De looptijd van het project RE-source zat erop maar Ester en ik waren allerminst klaar met de thematiek, de werkwijze en de waanzinnige ideeën en interesses die zich gaandeweg meester van ons hebben gemaakt. Daarom schreven we samen een nieuw plan. In RE-/place ontwikkelen we een Publiek Depot van, met en door de stad en verknopen het onderhoud van de stad met het leven in de stad. We gebruiken het frame van de vrijetijd om de huidige systemen en praktijken te bevragen, met elkaar te confronteren en te zoeken naar nieuwe mogelijke toekomsten. Zo proberen we het idee van een Circulaire Ecologie verder te doorgronden. Geen verstikkend frame van materiaal efficiëntie, maar een onderzoekende eco-systemische blik gericht op verbinding. Wederom bekijken we ontwerpstrategieën en RE-strategieën, het herzien van dat wat is door te maken, te organiseren, programmeren en te ontwerpen. Op onze instagram @re.place.online schrijf ik daar geregeld Short Reads of Field Notes over aan de hand van thema’s als ecosystemisch kijken en handelen, placemaking of raakvlakken en productieve grenzen. We onderzoeken daarin de mogelijke rol van de ontwerper en het daarbij behorende vakgebied. Dat blijf ik doen, omdat onderzoekend en ontwerpend naar de wereld kijken ons zo veel moois kan geven.

Het is door de COVID pandemie een lastige tijd voor een project waarin we nieuwe vormen van publieke ruimte testen. Tegelijkertijd blijft het waanzinnig relevant. De noodzaak voor nieuwe beelden, nieuwe metaforen en beter inzicht en begrip in de complexiteit van de wereld en hoe wij als maatschappij die complexiteit in een narratief gieten, is groot. Met RE-/place dragen we daar hopelijk een stukje aan bij. In het verlengde van zorg en mede eigenaarschap voor de publieke ruimte ligt immers een beter begrip en zorg voor elkaar en de wereld. Door in RE-/place letterlijk en fysiek werkvelden en praktijken met elkaar te combineren en confronteren in het publieke domein, ontstaan er situaties die als knoop fungeren. Wat mij telkens weer energie geeft is het publiek maken van die verknopingen en het duiden en vertalen van de kennis die daarin naar boven komt zodat ze deelbaar wordt.  

Want uit het deelbaar maken ontspringen steeds weer nieuwe lijnen en mogelijkheden voor bevlogen projecten.

Het leggen van knopen staat in het teken van een zoektocht naar alternatieve routes en mogelijke toekomsten. Een toekomst waar empathie, verwondering en creativiteit centraal komen te staan. Waar we loskomen van de haast, de verkokering en het efficiëntie denken waarmee we ons wereldbeeld zo plat hebben geslagen en geabstraheerd. Maar ook, een toekomst die ingebed is in het nu. Voor mij komt de interesse en het verlangen naar het leggen van knopen uit een liefde en verwondering voor de wereld. De waanzinnige schoonheid en pluraliteit van de wereld die zich ontvouwt wanneer we ons ergens met aandacht en interesse voor openstellen is wild. Of het nu gaat om werkpraktijken van mensen of de wereld van trekvogels of bomen – om maar een zijstraat te noemen- het leggen van combinaties en het verknopen daarvan leidt tot een groter begrip van elkaar en de wereld. Zoals Rob Wijnberg in 2018 in het voorwoord schreef van ‘Dit was het nieuws niet’, een wereld die je kunt begrijpen kun je ook veranderen. En dat begrijpen, doen we volgens mij samen, door met interesse voor elkaar open te staan.

De rol van ontwerpend onderzoeker is op veel manieren in te vullen. Ik kies ervoor om hem in te vullen als deels antropologisch, cultuur-analytisch, ontwerpend, duidend en organiserend. Maar bovenal praktisch, fysiek, ervaarbaar en vanuit de samenwerking. Dat daar misschien nog geen vastomlijnd kader of uitgekristalliseerde werkpraktijk voor bestaat is niet erg. Het vakgebied is in ontwikkeling. Dat erin geïnvesteerd wordt door bijvoorbeeld het Stimuleringsfonds voor de Creatieve Industrie is een blijk van de maatschappelijke waarde die we erin zien. De woorden van Rob Wijnberg indachtig zou het mooi zijn als dat zich maatschappij breed doorzet. Want door met elkaar te delen komen we verder. Het geloof dat het ook anders kan, dat verandering noodzakelijk en mogelijk is wordt in mijn beleving iedere keer weer groter wanneer we een avontuur van verwondering aangaan.

Het overbrengen van die verwondering door het combineren, delen en inzichtelijk maken van werelden is waar ik mij nu op richt. Comfortabel worden met het ‘niet weten’ en een onderzoekende en ontwerpende houding aan te nemen om gaandeweg de toekomst samen vorm te geven en de wereld beter te begrijpen.

Welke vormen zich dat gaat aannemen en welke projecten daar uit rollen weet ik nog niet. Mijn opa richtte ooit met andere bevlogen mensen een school op. Als we dat concept wat oprekken en ontwerpend bekijken zie ik daar wellicht ook wel wat in. Knopen blijven leggen en werelden blijven openen. Momenteel doe ik dat in het project RE-/place wat ik met Ester van de Wiel op heb gezet. Dus volg ons via instagram en binnenkort op www.re-place.today die vanuit onze eigen server op zonne-energie zal uitzenden vanaf ons Publieke Depot in Rotterdam.